dinsdag 19 maart 2013

Geen één zwaluw maakt ook geen lente.


Alle jaren 't zelfde. De lente staat voor de deur en op de kalender. Zaaien dus. Vlijtig champignon bakskes vullen en af en toe door het venster naar de paradoxale sneeuwbuien kijken.
(Tegenwoordig noemt men zaadschalen ook 'flats'. De chinesen noemen ze 公寓).
En alle jaren 't zelfde probleem: waarheen met die bakskes wanneer de jonge vegetatie de overhand dreigt te nemen? Een centraal verwarmd appartement (zeg serre) heb ik niet (wil ik niet). Ook geen verwarmde broeikastjes (propagator zoals dat heet in het vakjargon). 'Alleen' maar een plastiek tunnel waar het binnen ook niet zóveel warmer is als buiten.
Gelukkig leef ik in een wegwerpmaatschappij waar er nog genoeg olie voor handen is om plastieke vensterramen te produceren en de „oude“ met-hout-omraamde-dubbelverglaasde-vensters buiten te smijten. Grof huisvuil noemen ze dat. Goed genoeg om een glazen appartementje in de tunnel op te richten.
Zonder verdere maatregels groeit de kropsla (Winter Crop) daar langzaam verder, trots arktische temperaturen) en is nu bijna oogstklaar. Dezelfde kropsla naast deze koude bak heeft nog een beetje tijd nodig.
De bezaaide schaaltjes kunnen vooreerst nog in de warme keuken terecht, verhuizen dan stuk voor stuk naar de koelere woonkamer om dan geleidelijk hun glazen appartement te betrekken.
Een stel dekens en nog wat afvalplastiek liggen klaar om ook tijdens de nachtelijke vorstperiode (tot eind mei) de koukleumers zoals tomaten en paprika voldoede beschutting te geven.
De eerste zwaluw mag komen.